Miserie, miserie … die lage rugpijn!

‘Het zwarte gat in de kosmos’: wie kent het niet? Maar wat met lage rugpijn?

Miljarden lichtjaren verwijderd van de aarde kunnen geleerden sinds enkele jaren ‘zwarte gaten’ waarnemen. Ze hebben er zelfs reeds een verklaring voor! De geneeskunde daarentegen blijft anno 2018 nog steeds in het ongewisse om een universeel aanvaardbare verklaring te geven voor het begrip ‘lage rugpijn’. Toch werd deze soort pijn reeds 3500 jaar geleden beschreven bij de bouw van de Egyptische piramiden1,2a. Daarenboven is er sinds de jaren 1970-1980 een explosie aan basiswetenschappelijke gegevens die de tip van de sluier over lage rugpijn kunnen oplichten. Het lijkt me dus vrij evident dat deze kennis niet opgeborgen blijft in medische bibliotheken of in tijdschriften achter een betaalmuur.
Iedereen, ook in het medisch en paramedisch milieu, zou ‘open access’ moeten krijgen om de resultaten van wetenschappelijk onderzoek te lezen. Het zou zelfs nog veel belangrijker zijn, indien men commentaren zou publiceren van diegenen die een oordeel vellen over de waarde van het gepubliceerde wetenschappelijk materiaal. Wetenschap is trouwens te vergelijken met een aaneenschakeling aan overlijdens. Wetenschap gaat slechts vooruit door niet akkoord te gaan, kritiek te leveren en te herbeginnen. Omdat velen liever in hun cocon blijven leven en kritiek mijden als de pest, laten slechts 3 % wetenschappelijke tijdschriften kritiek toe2b.

lage rugpijn

Lage rugpijn is een persoonlijke en maatschappelijke lijdensweg

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie ervaren 600.000 mensen dagelijks lage rugpijn3,4. Uiteraard gaat het niet steeds om dezelfde personen. Zo niet, zou men niet kunnen concluderen dat lage rugpijn de belangrijkste niet-lethale aandoening is5,6,7. Sinds de jaren 1990 spreekt men zelfs van een wereldwijde epidemie8,9. Jaarlijks is lage rugpijn verantwoordelijk voor miljoenen verloren werkdagen. Lage rugpijn kan zo intens zijn dat sommigen zich tot 20 maal laten opereren in de ijdele hoop op beterschap10. Lage rugpijn veroorzaakt zoveel miserie dat het zelfs kan leiden tot suïcidale neigingen. Vele chronische ruglijders melden trouwens dat ze veel liever aan een lethale aandoening zouden lijden. Er komt dan tenminste een eind aan hun lijdensweg!

Soms vindt men iets, maar meestal niets!

Het is bijna niet te geloven dat de geneeskunde geen raad weet met de meest voorkomende aandoening in de wereld11. Men blijft beweren dat de oorzaak slechts in 20% kan achterhaald worden (zie Blog ‘Lage Rugpijn. Een duidelijke oorzaak in 15 à 20 %’). Het is onwaarschijnlijk dat er bij de overige 80% rugpatiënten niets speciaals kan gezien worden wanneer hun lage rug via XR, CAT en MRI (T2 gewogen opnames) geëvalueerd wordt.

Men heeft geen idee wat er zich in het discuskraakbeen afspeelt

In tegenstelling tot tal van ziekteprocessen die men in het wervelbeenweefsel kan vaststellen, bestaan er nog steeds geen medische beeldvormingsmogelijkheden om pijngeneratoren te lokaliseren in elk van de drie kraakbenige discusonderdelen12,13,14,15,16. De geneeskunde slaagt er nog steeds niet in om afwijkingen te ‘zien’ in de discussen. Er blijft dan voor de meeste artsen ook niets anders over dan de patiënt mee te delen dat er voor z’n lage rugpijn geen verklaring is9. De diagnose luidt dan ‘aspecifieke lage rugpijn’: een nietszeggende term3,4!

Wat een verschil met de andere (synoviale) gewrichten!

Hebt u pijn in uw knie, heup of ander gewricht en wordt hierdoor de beweeglijkheid ervan sterk beperkt, dan kunnen XR, CAT en MRI wel ‘iets’ tonen. Aangezien deze gewrichten een gewrichtsholte hebben met een slijmvlies (= synovium) en gewrichtsvocht (= synoviaal vocht), kan men van binnen een kijkje gaan nemen (= artroscopie). De verkregen zichtbare alles-of-niets-situatie zal doorgaans wel leiden tot een diagnose waarvoor efficiënte behandelingen voorhanden zijn (zie Blog ‘Artrose in armen en benen. Wat weten we daarover?’ en Blog ‘Artrose: bestaande en mogelijke behandelingen’).
Ervaart u echter pijn en bewegingsbeperkingen in de lage rug, dan is dat geenszins een alles-of-niets situatie. Behalve in de achterste kleinere gewrichten (= ‘facet’-gewrichten) hebben de grote discussen geen gewrichtsholte, geen slijmvlies en geen gewrichtsvocht. De bestaande technieken om in de discus binnen te kijken, zijn inefficiënt, en het injecteren van contraststof in de discus (= discografie) is altijd een pijnlijke zaak. Bij een discografie is het veel belangrijker de waterdruk in de discus na te gaan. Dan kan men zich minstens een idee vormen over de resterende biomechanische functie van de discus (cf. Blog 38 ‘Inleidende gegevens om de functies van discussen te begrijpen’ en Blog 39 ‘Functies van de discus in de lage rug’).

Lage rugpijn heeft een fenomenale impact: het beslist over uw dagelijks leven

Lage rugpijn heeft een fenomenale impact die tot grote miserie kan leiden. Gelukkig is de uitstraling doorgaans van korte duur. Als een rugpatiënt een beetje geduld kan uitoefenen en volharden, dan is de kans vrij groot dat zijn lage rugpijn doorgaans spontaan zal verdwijnen. Blijft de pijn toch aanhouden, dan heeft hij of zij ongeveer 40% kans om in een chronische situatie terecht te komen. Chronische lage rugpijn is een grote ellende en kan heel wat problemen veroorzaken: niet alleen van professionele, financiële, familiale en sociale aard maar ook van strikt persoonlijke aard met grote gevolgen op psychologisch en seksueel vlak. Al deze welgekende problemen, die (evenals de dood en belastingen) tot de zekerheden des levens behoren, kunnen daarenboven nog eens zorgen voor intense ‘stress-pijnen’. Die kunnen resulteren in diffuse spierpijnpunten en -spasmen in de lage rug, tussen de schouderbladen en in de halsstreek. Niemand echter heeft ooit kunnen aantonen dat al die problemen de oorzaak vormen voor het ontstaan van organische letsels in de drie discusonderdelen, m. n. fissuren, scheuren of rupturen. Deze letsels ontstaan bijna altijd als gevolg van degeneratieve processen, soms van ongevallen, maar zelden door ziektes17,18.

Niet iedereen gaat akkoord dat lage rugpijn onverklaarbaar is

Ik ben er helemaal niet van overtuigd dat de meerderheid van de 80% lage rugpijnlijders gerustgesteld kan worden met de in medische kringen universeel verspreide maar nietszeggende diagnose ‘aspecifieke lage rugpijn’3,4. Geen mens ter wereld heeft dat ‘ding’ tot op heden perfect wetenschappelijk weten te omschrijven. Vroeger werd hetzelfde type lage rugpijn uitgelegd als ‘idiopathische lage rugpijn’ of ‘axiale lage rugpijn’. Sommigen zijn blijkbaar bedreven in de kunst om onbegrepen lage rugpijn in geleerde maar inhoudsloze woorden te omschrijven. “Domheid”, zo schreef mij een goedbekende levensfilosoof, “is niet het gebrek aan kennis maar menen te weten zonder kennis”.
Net zoals professor Deborah Lupton constateer ik dat heel veel patiënten geïrriteerd raken omdat ze maar niet kunnen begrijpen waarom het gros der medici en paramedici niet of onvoldoende competent is19 om uit te leggen dat hun lage rugpijn weldegelijk een organische oorzaak heeft en niet ergens ‘aspecifiek’ tussen de oren zit. Is het dan verwonderlijk dat ruglijders almaar sceptischer en gedesillusioneerder raken tegenover de wetenschappelijke geneeskunde die doorgaans hun enige bron is voor antwoorden op hun medische vragen19?

Is er iemand die een oplossing kent voor het onbegrijpelijke?

Voor alles wat niet begrepen wordt in de wereld, bestaan geen efficiënte oplossingen. Het is dan ook aannemelijk dat medicijnen, allerlei spuitjes en operaties weinig of slechts tijdelijk soelaas zullen brengen bij de meeste patiënten met ‘aspecifieke’ lage rugpijn20,21. De medische wereld, waartoe ik krachtens mijn diploma ook behoor, moet dan ook geenszins verontwaardigd zijn dat veel rugpatiënten op zoek gaan naar alternatieven. Feit is echter dat op langere termijn ook deze trukendoos evenveel of even weinig verandering zal brengen in het natuurlijke verloop van de lage rugpijnervaring.

‘Trek uw plan met uw lage rugpijn’!

Mijns inziens lijkt het vrij zeker dat men zich geen zorgen hoeft te maken over van dit type ‘aspecifieke lage rugpijn’. Voorlopig blijft het dus de beste oplossing deze tijdelijke pijn te verbijten (of althans te proberen) met eender welk medisch, farmacologisch of niet-medisch hulpmiddel. Men snapt sowieso niet waarom iemand rugpijn ervaart en zelden is iemand eraan gestorven7.
Ondanks de pijn en uitlokkende miserie kan men slechts proberen normaal verder te leven, zoveel mogelijk in beweging te blijven22,23 en desnoods zijn toevlucht te nemen tot acupunctuur en chiropraxie20,21.
Nog steeds is deze stelling de beleefdste wetenschappelijke uitleg om duidelijk te maken dat een ‘aspecifieke’ lagerugpatiënt met zijn miserie moet ‘leren leven’ en er ‘zijn plan mee moet trekken’. Mocht dit toch niet lukken, dan kan men overgaan tot truken die de lage rugpijn-perceptie in de hersenen vervalsen24,25,26.

Wie? Wat? Hoe? Waarom? Wanneer?

Lang geleden leerde ik van Aristoteles27 en Cicero 28 minstens 5 eenvoudige vragen te stellen om een probleem op te lossen: wie? wat? hoe? wanneer? en waarom? Mijlenver is men nog verwijderd van het beantwoorden van deze vragen toegepast op ‘aspecifieke’ lage rugpijn.
Zelfs al vindt men niets bij radiologische onderzoeken, toch is er voldoende bewijs dat lage rugpijn ontstaat in het grootste orgaan van het menselijk lichaam, m. n. de wervelzuil met haar talrijke discussen17,18. De poëet Eliot schreef ooit: “Wat veroverd moet worden, is reeds ontdekt, niet eenmaal maar tweemaal en zelfs meerdere malen. Maar er blijft een menselijk probleem bestaan! Steeds opnieuw en opnieuw moet men ruzie maken om te achterhalen wat verloren is gegaan, terug ontdekt en opnieuw verloren”29. Toch verschijnt er zelden iets nieuws onder de zon - ‘nihil sub sole novum’30.

Kan lage rugpijn door iets anders veroorzaakt worden dan door wervels, ligamenten en spieren?

Men kan slechts vermoeden dat kwetsuren van één van de 6 ligamenten in de rug mogelijks de oorzaak zijn van lage rugpijn. Het werd nooit wetenschappelijk onderzocht en er bestaat evenmin een valabele test om het objectief te checken (zie Blog ‘Kan een gescheurd ligament voor lage rugpijn zorgen?’).
Het blijft eveneens bijzonder moeilijk één of meerdere van de vele rugspieren met zekerheid verantwoordelijk te stellen voor het ontstaan van lage rugpijn. Hiervoor bestaat evenmin een valabele en reproduceerbare test, noch klinisch noch radiologisch noch via naaldjesonderzoek (= elektromyografie).
Fysiek zeer fitte personen - zoals bv. topsporters - recupereren niet sneller dan iemand anders wanneer ze een opstoot van lage rugpijn ervaren. Nog nooit is zwart op wit bewezen dat allerlei fysieke oefenprogramma’s de zekerheid kunnen verschaffen dat er geen lage rugpijnopstoot meer zal optreden (zie Blog ‘Aanhoudende spierpijnen in de lage rug verbergen iets anders’).

En dan resten nog de drie complexe onderdelen van de discus

Men kan deze drie onderdelen slechts analyseren door in geval van lijkschouwing de discus rechtstreeks te onderzoeken31. De discussen houden op te groeien vanaf de leeftijd van 13 jaar32. Kort daarna wordt de discus bij iedereen aangetast door de verouderingsprocessen en wordt de weg geplaveid voor het ontstaan van degeneratieve spleten en scheuren in de centrale kern, de bovenste en onderste eindplaten en de omringende vezelring. Is men daarenboven behept met slechte genen, dan zullen mechanisch slecht gevormde discussen ook sneller degeneratieve scheuren ontwikkelen (cf. Blog ‘De hoofdreden waarom we lage rugpijn ontwikkelen zijn de slechte genen die we van pa en ma erfden’). Zeer vermoedelijk vormen deze degeneratieve scheuren, die men radiologisch nog niet integraal kan vaststellen, de reden waarom 80% van de lage rugpijnpatiënten ‘aspecifieke lage rugpijn’ ontwikkelen.

Een klein beetje meer inspanning zal ooit het verschil maken tussen aspecifieke medische fantasie en mogelijke innovatieve therapie

Nog nooit werd een wetenschappelijk en reproduceerbaar bewijs geleverd dat de zgn. aspecifieke lage rugpijn-theorieën kloppen. Het blijven kleurige fantasieën niet berustend op universeel aanvaardbare en aantoonbare argumenten! Anderzijds staat het sinds lange tijd vast dat er quasi geen verband bestaat tussen rugklachten, radiologische beelden, anatomische en fysiologische veranderingen9. Toch kan men niet eeuwig in het ongewisse blijven. Het tijdperk waarin demonen of goden, het lot, de Heilige Voorzienigheid of zijn tegenstander de Duivel verantwoordelijk gesteld werden voor onverklaarbare fenomenen, is voorbij.
Toch moeten we jammer genoeg vaststellen dat slechts weinigen interesse aan de dag leggen om de pathologische veranderingen in de discus te onderzoeken (zie Blog ‘Discusproblemen! Wie heeft daar nu interesse voor?’).

Als inleiding op de verouderingsprocessen in discussen van de lage rug, licht de volgende blog een tip van de sluier op tussen ‘oude’ en ‘moderne visies tijdens het verouderen.

Gratis E-boek “Oefeningen om chronische pijn te verlichten” downloaden

73% van de chronische pijnpatiënten zijn niet in staat dingen te doen die voor gezonde mensen normaal zijn: stappen, fietsen, met je kinderen spelen, etc. Naast medische behandelingen kan ook lichaamsbeweging heel nuttig zijn om je mobiliteit te bewaren of verbeteren. Dit e-boek wil je vertrouwd maken met enkele eenvoudige lichaamsoefeningen die je pijn kunnen verminderen.

GRATIS DOWNLOADEN

Referenties

1. Breasted JH, ‘The Edwin Smith surgical papyrus’,
University of Chicago Press (see Google)
2a. Allan DB, Waddell G, ‘An historical perspective on low back pain and disability’,
Acta Orthop Scand, 1989, 60 (Suppl 234):17
2b. Polka JK, Kiley R, Konforti B, Sterren B, Vale RD, ‘Publish peer revieuws‘,
Nature, 2018, 560:545
3. Hartvigsen J, Hancock MJ, Kongsted A et al., 'What low back pain is and why we need to pay attention’,
Lancet, 2018, doi.10.1016/S0140-6736(18)30480-X
4. Foster NE, Anema JR, Cherkin D et al., ‘Prevention and treatment of low back pain. Evidence, challenges, and promising directions’,
Lancet, 2018, doi.10.1016/S0140-6736(18)30489-6
5. WHO 2014, ‘Global status report on noncommunicable diseases’,
ISBN: 978 92 4 156485 4 (298 pages)
6. GBD 2015 Disease and Injury Incidence and Prevalence Collaborators, ‘Global, regional, and national incidence, prevalence, and years lived with disability for 310 diseases and injuries, 1990–2015. A systematic analysis for the Global Burden of Disease Study 2015’,
Lancet, 2016, 388:1545
7. GBD 2016 Disease and Injury Incidence and Prevalence Collaborators, ‘ Global, regional, and national incidence, prevalence, and years lived with disability for 328 diseases and injuries for 195 countries, 1990-2016. A systematic analysis for the Global Burden of Disease Study 2016’,
Lancet, 2017, 390:1211
8. Deyo RA, Cherkin D, Conrad D, Volinn E, ‘Cost, controversy, crisis. Low back pain and the health of the public’,
Ann Rev Publ Health, 1991,12:141
9. Deyo RA, ‘Low back pain. Low-back pain is at epidemic levels. Although its causes are still poorly understood, treatment choices have improved, with the body’s own healing power often the most reliable remedy’,
Scientific American, August 1998:29
10. Newman RI, Seres JL, Yospe LP et al., ‘Multidisciplinary treatment of chronic pain. Long-term follow-up of low-back pain’,
Pain, 1978, 4:283
11. White AA 3rd, Gordon SL, ‘Synopsis. Workshop on idiopathic low-back pain’,
Spine, 1982, 7:141
12. Boden SD, Davis DO, Dina TS et al., ‘Abnormal magnetic-resonance scans of the lumbar spine in asymptomatic subjects. A prospective investigation’,
J Bone Joint Surg, 1990, 72A:403
13. Jensen MC, Brant-Zawadzki MN, Obuchowski N et al., ‘Magnetic resonance imaging of the lumbar spine in people without back pain’,
N Engl J Med, 1994, 331:69
14. Boos N, Dreier D, Hilfiker E et al., ‘Tissue characterization of symptomatic and asymptomatic disc herniations by quantitative magnetic resonance imaging’,
J Orthop Res, 1997, 15:41
15. Videman T, Battié MC, Gibbons LE et al., ‘Associations between back pain history and lumbar MRI findings’,
Spine, 2003, 28:582
16. Finch P, ‘Technology insight. Imaging of low back pain’,
Nat Clin Pract Rheumatol, 2006, 2:554-561
17. Waddell G, ‘The back pain revolution. Second ed’,
Churchill Livingstone, Edinburgh, 2004
18. Adams MA, Bogduk N, Burton K, Dolan P (eds), ‘The Biomechanics of Back Pain. 3the Edition’,
Churchill Livingstone, Edinburgh, 2013
19. Lupton Deborah, ‘Medicine as culture. Illness, Disease and the Body. Third Edition’,
Sage Publications Ltd, London 2012
20. Federaal Kenniscentrum Gezondheidszorg, ‘Chronische lage rugpijn’,
KCE Reports, 2006, Vol 48A
21. Julia Belluz, ‘Doctors finally admit drugs can’t fix most cases of back pain. The American College of Physicians now recommends heat therapy and yoga ahead of pain meds for low back pain’,
Vox Topics Trendy, 2017, Feb 14 - julia.belluz@voxmedia.com
22. Dalle K, Termona D, ‘Rugpijn? Beweeg met dat lijf!’
Knack, 14 juni 2017:96
23. Yuhas D, ‘Back to basics’,
Scientific American, October 2017:18
24. Buchbinder R, Jolley D, Wyatt M, ‘Population based intervention to change back pain beliefs and disability. Three part evaluation’,
BMJ, 2001, 322:1516
25. Loisel P, Lemaire J, Poitras S et al., ‘Cost-benefit and cost-effectiveness analysis of a disability prevention model for back pain management. A six year follow up study’,
Occup Environ Med, 2002, 59:807
26. Malfliet A, Kregel J, Coppeters I et al., ‘Effect of pain neuroscience education combined with cognition-targeted motor control training on chronic spinal pain. A randomized clinical trial’,
JAMA Neurol, doi:10.1001/jamaneurol.2018.0492
27. Aristoteles, Hupperts Ch, Poortman B, ‘Ethica Nicomachea’,
Uitgeverij Damon, 2015
28. Cicero, Van Rooijen-Dijkman, Leeman AD, ‘De ideale redenaar. Zevende druk’,
Uitgeverij Athenaeum, Polak & Van Gennep, 2017
29. Eliot TS, ‘The four quartets’,
Harcourt (US), 1943
30. Ecclesiastes 1:9 (Prediker)
31. Kaufman SR, ‘Autopsy. A crucial component of human clinical investigation’,
Arch Pathol Lab Med, 1996, 120:767
32. Taylor JR, ‘Growth of human intervertebral discs and vertebral bodies’,
J Anat, 1975, 120:49
* Guy Declerck, MD
. 1964, Grieks-Latijnse Humaniora
. 1978, Dokter in de Genees-,Heel-, en Verloskunde (KUL)
. 1983, Medische Specialist in de Orthopedie (KUL & Exeter, UK)
. 1988, Postgraduate Orthopedic Surgery (Plymouth & Liverpool, UK)
. 1989, Spinal Fellow in Adult Spinal Surgery (Perth, Australia)
. 1989, Research Fellow in Spinal Injuries & Rehabilitation (Perth, Australia)
. 1989, Neuromuscular Foundation of Western Australia Postgraduate Studentship
. 1992, Spinaal Orthopedisch Chirurg (Vlaanderen en buitenland)
. 1992, Medical Doctor National Belgian Judo Team
. 1993, European Spine Research Fellowship ‘Bionic Walking’ (Stoke-on-Trent, UK)
. 1994, Worldwide Encyclopaedia Invited Surgeon and SAFIR Spinal Travel Fellowship
. 2003, Rugchirurg-op-rust in Vlaanderen
. 2003-2006, Sabbatical
. 2007-2014, International Spinal Research, Spinal Scientific Advisory Consultant & Instructor
. 2007-now, Consultant Research & Development Innovative & Restorative Spinal Technologies
. 2007-now, Spinal Lecturing & Writing, Surgical Education (www.guy-declerck.com en www.hhp.be/nl/blog)
. 2012-now: President International Association Andullation Therapy (www.iaat.eu)

DISCUSSIE

Armand Put (22/09/2018)

Geachte heer Guy Declerck, In 1996 kreeg ik een hernia. Van de pijn kwam ik regelmatig bij de 'kraker'. Tien jaar geleden ben ik twee keer per week mijn rug gaan verstevigen met gewichten. Sinds toen heb ik geen last meer van die onmenselijke pijnen. Vriendelijke groet, Armand,

Reageer